669 woorden over lezen

Arie Altena

Lezen is losse letters verzamelen tot woorden, en woorden tot zinnen. Je kunt hardop lezen, en stil voor jezelf. De 'uitvinding' van het stil lezen wordt over het algemeen toegeschreven aan Ambrosius. Augustinus beschrijft in zijn Confessiones hoe hij in 387 Ambrosius geluidloos ziet lezen. Hij is daarover zeer verbaasd, maar leert de techniek zelf omdat het de concentratie ten goede komt en meer privacy geeft.

Wie behalve stil ook nog snelleest, spreekt de woorden niet uit en vormt ook geen klanken in het hoofd. Een snellezer hoort als hij het woord 'verwerkt' leest, niet in zijn hoofd 'v-e-r-w-e-r-r-e-k-t', maar herkent het woordbeeld 'verwerkt'. Woordbeeld leidt in de hersenen als het ware rechtstreeks naar betekenis. Wie echt snel leest herkent zelfs complete zinsdelen. Snellezen is een techniek die veellezers hebben ontwikkeld om grote hoeveelheden drukwerk te 'parsen'. Niet alle lezers zijn snellezers, er zijn genoeg grote literatuurlezers die in gedachten altijd de woorden uitspreken. Po‘zielezers doen dat zeker, omdat de klank een belangrijke betekenisdrager kan zijn. Dat we kunnen leren lezen, schijnt overigens een klein wonder te zijn. Het vereist een activiteit van de hersenen waar ze biologische gezien niet op ingesteld zijn.

Leesgedrag verandert, ook onder invloed van technologie. Empirisch onderzoek wijst uit dat er een screen-based leesgedrag is ontstaan doordat we zoveel online en van het scherm lezen. Kenmerkend voor dit leesgedrag is dat meer tijd wordt besteed aan browsen, scannen en trefwoorden opmerken. Er wordt selectief gelezen, niet vaker dan een keer en meest non-lineair. Het zou ten koste gaan van geconcentreerd en diepgaand lezen.

Het klopt vast wel. Lezers in de rijkere landen lezen meer en meer van het scherm. De ontwikkelingen van de afgelopen 25 jaar zijn even ingrijpend als die volgenden op de uitvinding van de boekdrukkunst. Bij de overgang van drukwerk naar digitale tekst vindt er tot op zekere hoogte ook een verschuiving plaats van 'bezit van tekst' naar 'toegang tot tekst'; van een boek of tijdschrift dat je in de hand houdt, naar toegang tot tekst in de 'wolk' -- het internet -- via een apparaatje. (Ik schrijf 'tot op zekere hoogte' omdat vroeger de 'toegang' tot tekst voor beroepslezers al primeerde: in de bibliotheek moest je wezen).

Hoe lezen we dan in de toekomst? Niet anders dan in het verleden -- tenminste zo lang het gaat over het omzetten van woordbeeld in talige betekenis. Dat er steeds meer van een scherm wordt gelezen, wil natuurlijk niet zeggen dat er niet meer geconcentreerd gelezen wordt, of dat er nooit meer hardop wordt gelezen. Ook bij selectief, scannend lezen worden woordbeelden omgezet in betekenis. Na 17 à 18 jaar schermlezen blijft de vraag me intrigeren hoe je zorgt voor een geconcentreerde leeservaring in de hedendaagse -- en toekomstige -- media-ecologie.

Ik ben nog steeds niet echt onder de indruk van de e-readers (de formaten-ellende is verre van opgelost) en de tablets (van een spiegelend scherm kun je in de zon niet lezen). De e-readers hebben een probleem van toegang, de tablets een van ergonomie. Het wordt wel beter, maar langzaam.

Ik hoop dat we over vijftig jaar leesapparaatjes gebruiken waarover je zelf, als individu volledig de baas bent, dat je zelf de baas bent over je eigen accounts in de 'wolk', en dat er geen organisaties zijn die checken en loggen wat je aan bytes binnenhaalt, dat in realtime analyseren, de data doorverkopen en opslaan. Of op z'n minst, dat als dat bestaat -- en het zal bestaan; en het zal de service aan de klant ten goede komen -- er ook alternatieven bestaan. Ik hoop dat er gebruik gemaakt wordt van eenvoudige dataformaten en van simpele software. Ik hoop dat er een vrije circulatie van kennis plaatsvindt.

Drukwerk is tekst en leesapparaat in een. In de toekomst zal het duur zijn. Maar eenmaal geproduceerd is drukwerk niet zo snel stuk te krijgen. Het heeft een voordeel: er is alleen licht nodig om het geconcentreerd in privacy te kunnen lezen. Licht van de zon.

 

Nederlandse versie (ongeredigeerd). Beschikbaar in een Engelse vertaling als 'Gathering Up Characters' in: Mieke Gerritzen, Geert Lovink, Minke Kampman (red.), Exploring New Information Cultures. Amsterdam: Valiz 2011. pp. 50--51.

some rights reserved
Arie Altena
index