ARIE ALTENA

Feelings Are Always Local
DEAF 2004
Een kort verslag

We leven nog altijd in tijden van de netwerkmetafoor. Deze metafoor biedt in veel opzichten het beste verklarende perspectief, (bijvoorbeeld in de wetenschap). Dat bleek ook weer eens tijdens het afgelopen DEAF-festival in Rotterdam, het Nederlandse festival voor de elektronische kunsten, dit jaar met de titel Feelings Are Always Local. Zijn gevoelens lokaal?

DEAF is altijd een plek geweest waar de liefde voor technologie een centrale plek heeft. Misschien dat daarom Chris Cunninghams video All is Full of Love boven de ingang van de tentoonstelling hing: als een manifest, machines kunnen ook liefhebben en wij houden van machines. Maar eerlijk gezegd hing het er nogal liefdeloos.

De tentoonstelling probeerde indruk te maken met groots gepresenteerde grote projecten. Gravicells van Seiko Mikami en Sota Ichikawa bijvoorbeeld, is een indrukwekkende installatie die veel plek in beslag neemt. Je staat temidden van flikkerend licht en ziet het neonlijnenspel op de meegevende vloertegels reageren op jou aanwezigheid. Maar het levert niet meer dan een glimlach op. Volgens de begeleidende tekst gaat het werk over de 'rub between gravity and resistance' die fysiek voelbaar wordt gemaakt. Maar ik zag en voelde vooral oninzichtelijke technologie. Dat er een koppeling gemaakt wordt tussen GPS-informatie, of andere van satellieten afkomstige data en de tentoonstellingsplek is knap en complex, maar als het werk niet ervaarbaar is schiet het z'n doel voorbij.

Dan beviel het andere werk over zwaartekracht beter: Tide van Luke Jevbrat. Het was qua achterliggende technologie even complex, maar de 'interface' was inventiever, fascinerender en overtuigender. Ogenschijnlijk ook veel 'simpeler'. Tide is tegelijk een astronomische klok en een installatie en is gebaseerd op het hoorbaar maken van de zwaartekracht die de maan uitoefent op de aarde. Een zwaartekrachtmeter meet de zwaartekracht die de maan en de zon op de aarde uitoefenen. Deze informatie is gekoppeld aan het waterniveau in drie kommen, die ieder staan voor een ander deel van de aarde. De bollen draaien rond, een vochtig stukje textiel op de rand van de kom laat de kom zingen zoals je een wijnglas laat zingen door er met een vochtige vinger over te strijken. De toonhoogte is afhankelijk van de aantrekkingskracht van de maan, die de zwaartekracht van de aarde beïnvloedt en voor de getijden zorgt. De drie bollen zingen meest op verschillende toonhoogte, maar twee keer per dag, als eb in vloed overgaat en vice versa, klinken ze unisono. Je komt de ruimte binnen en wordt omhuld door het zingen van de kommen, je ziet de zwaartekrachtmeter, je leest een kort tekstje en je realiseert je dat hier in deze ruimte een astronomisch verschijnsel hoorbaar wordt gemaakt, je bent op een plek op de aarde maar je 'luistert' als het ware van buiten naar de aarde.

Zijn gevoelens lokaal? Het antwoord van de tweedaagse conferentie leek te zijn dat gevoelens gelokaliseerd zijn in het netwerk, niet op een exacte plek, maar gedistribueerd. De lezingen en presentaties op de conferentie waren vooral illustraties van het belang en gebruik van de netwerkmetafoor in verschillende vakgebieden. Er werd een fraai panorama getoond waarbinnen de verbindingen zich bijna organisch toonden. Bij zo'n opzet zijn presentaties uit een vakgebied waar je niet veel kennis van hebt vaak het meest inspirerend. In mijn geval gold dat voor het verhaal Karim Nader en diens experimentele hersenonderzoek naar het geheugen. Daaruit kwam naar voren dat herinneringen ook op het niveau van andere organen worden opgeslagen (een arm kan de herinnering hebben aan een actie, terwijl de hersenen het laten afweten). Hert geheugen is gedistribueerd. Medeorganisator Arjen Mulder kwam via een bespreking van de wetenschapstheorie van Von Bertalanffy tot een definitie van interactieve kunst als werken die als een open systeem aan een publiek worden getoond in de hoop dat ze worden getransformeerd tot een netwerk. Wie daarna nog zou twijfelen aan de robuustheid van het netwerkmodel, werd overtuigd door Manuel DeLanda die zijn positie als gespreksleider vooral uitbuitte om de verklarende kracht van de netwerkmetafoor zeer welsprekend en helder uiteen te zetten.

In de discussie werd de vraag aan de orde gesteld waar de perfecte balans van complexiteit zou liggen -- aangezien complexe netwerken sterker zijn dan eenvoudige, maar dreigen inzichzelf gesloten te worden -- en of daar een politieke moraal aan te ontlenen zou zijn. DeLanda haalde er Spinoza experimentele ethiek bij, om duidelijk te maken dat we ons moeten openstellen voor invloeden van buiten, ons daarbij moeten afvragen wat bijdraagt aan de complexiteit (die goed is) en wat daar afbreuk aan doet. De lokale expressiviteit van een node in het netwerk is wel degelijk belangrijk.

DEAF 2004 Feelings Are Always Local
Dutch Electronic Arts Festival
Van Nellefabriek Rotterdam
8 - 21 november 2004

Joke Brouwer, Arjen Mulder (e.a. red.), Feelings Are Always Local, V2_NAi Publishers, Rotterdam 2004 ISBN 9056624237

Gepubliceerd in Metropolis M 2005
http://www.metropolism.org
some rights reserved
Arie Altena
index