Drie blogs over hedendaagse kunst

Recensie van:
http://www.ctrlaltdelete.org/
http://www.we-make-money-not-art.com
http://www.trendbeheer.com

Arie Altena

Zelfs wie op een journalistieke manier blogt -- dus met het oog op informatieoverdracht en verslaggeving voor een groep lezers -- blogt in eerste instantie voor zichzelf. De Amerikaanse politiek filosofe Jodi Dean noemde bloggen onlangs "een praktijk om het eigen ik te kunnen hanteren onder de condities van het op communicatie gerichte kapitalisme".1 Bloggen heeft meer te maken met het vormgeven en opvoeren (performen) van het eigen (publieke) zelf, dan met journalistiek of het maken van een publicatie in de klassieke zin. Je kunt het zien als een manier van persoonlijke online-informatieverwerking en reflectie -- al vindt die reflectie misschien enkel plaats in de keuze van een stel foto's. Dat het reacties oplevert, dat er (soms) een publiek ontstaat rondom een blog, is van secundair belang. Natuurlijk, er zijn blogs waarin de nadruk ligt op de discussie, waar verhitte en/of inhoudelijke gesprekken worden gevoerd, waar opgeworpen ideeën worden becommentarieerd, maar goed beschouwd vormen deze een minderheid. En zeker, er is sprake van een losse vorm van gemeenschap, die gestalte krijgt in de links tussen blogs onderling, en het feit dat ze op elkaar reageren. Het komt echter niet zo vaak voor dat zo'n gemeenschap daadwerkelijk in actie komt en er een publieke zaak van weet te maken, al moet die mogelijkheid nooit worden onderschat. Dit gebeurt vaker in niet-westerse landen, waar blogs en andere DIY-online-publicaties de enige vorm van alternatieve journalistiek zijn. De meeste bloggers schrijven voor zichzelf, ze hebben geen publiek, ze hebben lezers.

Neem Peter Luining, netkunstenaar en internetter van het eerste uur. Hij documenteert op zijn weblog wat hem tijdens wandelingen door Amsterdam opvalt. De wandelingen begon hij om van zijn in tien jaar internetgebruik opgebouwde overgewicht af te komen (is er een mooier voorbeeld denkbaar van de stelling dat bloggen helpt om gezond te blijven ten overstaan van de media-overdaad?). Hij brengt ook verslag uit van bezochte tentoonstellingen: fotoreportages, impressies. Terugkerende elementen zorgen voor de aantrekkelijkheid (stickyness) van Luinings kunstlog: zoals de kunst gespot op ebay en op straat bij de vuilnis ('Kunst ligt op straat'). Al valt uit Luinings keuzes wel een visie op kunst te destilleren, hij onthoudt zich op zijn blog van expliciete kritiek. Dat doet hij met opzet. Kritiek leveren impliceert dat je met overwogen argumenten aankomt, dat je beargumenteerd 'onderscheid maakt tussen' en dat vergt tijd. Zolang je geen kritiek wilt leveren kun je ongestraft je eigen blik volgen, mag je belangrijke zaken missen en aan niemendalletjes aandacht schenken. Vandaar de 'lichtheid' van veel blogs. Dat is ook een kwaliteit. Wie en public argumentloos kritiek levert, zonder contextualisering, staat al gauw in het wilde weg te schreeuwen, 'af te zeiken' of op te hemelen. Vandaar dat Luining en anderen, die liever niet doorgaan voor schreeuwlelijk of zelfophemelaar, slim omgaan met het voor zichzelf laten spreken van het gekozen materiaal. Het is aan ons om de conclusies te trekken.

'We Make Money not Art' groeide door de aanpak van Regine Debatty -- journaliste, geen kunstenaar -- uit tot een bron voor nieuws en reportages uit de nieuwe mediascene. Debatty schrijft langere stukken, publiceert interviews, en reist de nieuwe mediafestivals en tentoonstellingen af. Debatty volgt haar eigen interesse, maar gebruikt haar journalistieke ervaring om een leesbare en interessante publicatie te maken. Om haar positie en professionaliteit te waarborgen, gaat zij uitgebalanceerd te werk, daardoor ontstaat op deze blog een veel explicietere visie op mediakunst dan wanneer zij ongenuanceerd haar mening zou geven. Debatty legt verbindingen tussen kunst en de huidige technologische, maatschappelijke en wetenschappelijke ontwikkelingen, slaat bruggen naar design, naar consumentenelektronica, games, internetcultuur. Vanuit het perspectief van de kunstkritiek is het significant dat Debatty niet redeneert vanuit de geschiedenis van de avant-garde, of de traditie van de Europese mediakritiek. Zij heeft juist een positieve opvatting over kunst: kunst is het creëren van ervaringen, gaat over het doen van ontdekkingen, opent de mogelijkheden daartoe, en ja, stelt ook vragen.

Er wordt, vooral na 2001 wel beweerd dat blogs een uitnodiging tot gesprek zijn. Blogsoftware prijst bloggen aan als "publiceer je gedachten, krijg feedback!". Voor de hier genoemde kunstblogs gaat dit niet op: Luining heeft geen reactiemogelijkheid; Debatty wel, maar zelden ontstaat daar discussie. De Nederlandse kunstlog Trendbeheer, (Jeroen Bosch, Marc Bijl, Niels Post, Hans van der Riet en Jaap Verhoeven), sluit qua vormgeving, format en techniek aan bij het genre blog zoals dit na 2003 vorm krijgt: met commentaren, automatisch inladen van delicious-links, tags, en een overzicht van laatste reacties. Het tempo is hoog: meerdere bijdragen per dag. Of zoals de Amerikaanse blogideologie van de top-100-bloggers voorschrijft: publiceer veel en vaak, opdat je een publiek creëert en tevreden houdt. De teksten zijn vergeleken met Luining en Debatty sarcastischer, lolliger, uit op reactie. Soms wordt er gejend. Dat leidt wel eens tot een stroom reacties, waarbij het steeds dezelfde personen zijn die met genuanceerde opmerkingen komen, en dezelfde anderen die lopen te zieken. De ik-heb-als-het-erop-aankomt-overal-lak-aan, en soms wat belachelijk makende toon van Trendbeheer werkt uitstekend als het gaat om het doorprikken van hypes en misplaatste gewichtigdoenerij. In die zin lijkt Trendbeheer kritischer dan Luining en zelfs Debatty. Maar uiteindelijk blijft het bij spot; polemiek wordt het nooit, laat staan kritiek.

Trendbeheer is ook niet uit op het bedrijven van kunstkritiek of het voeren van een kunsttheoretisch debat. Niets ten nadele overigens van de kwaliteit van de aangeboden informatie en links. Het is alleen die toon. Wie daar niet van houdt of niet tegen kan, zoekt zijn heil elders. Want waarom zou je, gezien de informatierijkdom op het internet, en de mogelijkheid om het zelf beter te doen, veel tijd besteden om de beperkte blik van een bepaalde blog te bekritiseren?

Wie hieruit concludeert dat blogs vooral goed zijn in signaleren en verslaggeving, en tekortschieten op het vlak van recensie en kritiek, dus tekortschieten in het creëren van een publieke sfeer, denkt te veel vanuit een klassiek idee over de functie van de pers. Zo'n conclusie mist de onuitgesproken visie op kunst die op een blog in de loop der tijd ontstaat; de connecties die gemaakt worden; de beschikbaarheid van vele gesitueerde perspectieven, de netwerken die je als lezers kunt afstruinen. Een blog is altijd 'onder constructie', het geschrevene is voorlopig -- en al die voorlopigheid wordt gearchiveerd. Er is sprake van een visie waaraan doorlopend wordt gebouwd, die wordt onderzocht en ondervraagd, maar die zelden expliciet wordt vastgelegd. Om dat als bezoeker 'na te voelen', moet je een blog over langere tijd volgen (of in een keer een drie maanden lange serie berichten lezen). Op den duur kan de lichtheid van een blog dan toch een stuk zwaarder wegen.

1. Jodi Dean, 'I cite, "Liquid Modernity"', 30 mei 2007, http://jdeanicite.typepad.com/i_cite/2007/05/liquid_modernit.html

Gepubliceerd in OPEN 13, De opkomst van informele media Hoe zoekmachines, weblogs en YouTube de publieke meningsvorming veranderen, SKOR, NAi, Rotterdam, 2007
ISBN 978-90-5662-603-7
http://www.skor.nl/article-3422-nl.html
some rights reserved
Arie Altena & OPEN
index